Debat ontploft: BBB’er Vermeer loopt woedend weg na felle clash met Dassen
Heftig debat in de Tweede Kamer over Iran en het internationaal recht
Tijdens een debat in de Tweede Kamer ontstond een stevige woordenwisseling tussen Kamerleden over de rol van het internationaal recht en de situatie in Iran. Het gesprek draaide vooral om de vraag wat internationale afspraken en diplomatie de Iraanse bevolking daadwerkelijk hebben opgeleverd.
De discussie werd gevoerd tussen onder meer Jan Paternotte Dassen (bedoeld: Laurens Dassen) en Joost Eerdmans Vermeer (Van/Vermeer), die elkaar kritisch bevroegen over de effectiviteit van internationale verdragen en sancties.
Kritische vraag: wat heeft internationaal recht Iran gebracht?
Het debat begon met een scherpe vraag vanuit de Kamer. Een van de sprekers vroeg zich hardop af wat het internationaal recht concreet heeft betekend voor de inwoners van Iran.
Volgens hem wordt er vaak gesproken over diplomatieke afspraken en internationale regels, maar is het de vraag of de Iraanse bevolking daar daadwerkelijk iets aan heeft gehad.
“Kan de heer Dassen hier uitleggen wat het internationaal recht de inwoners van Iran heeft gebracht?” vroeg hij tijdens het debat.
Dassen: internationaal recht voorkomt “het recht van de sterkste”
In zijn reactie benadrukte Laurens Dassen dat het internationaal recht volgens hem wel degelijk een belangrijke rol speelt in de wereldpolitiek.
Hij erkende dat het systeem niet perfect is, maar stelde dat het internationale afsprakenkader ervoor zorgt dat conflicten niet volledig worden bepaald door militaire macht.
“Het internationaal recht is verre van perfect, maar het zorgt er wel voor dat er enige stabiliteit in de wereld bestaat en dat niet simpelweg het recht van de sterkste wint,” aldus Dassen.
De rol van de Iran-deal
Dassen verwees daarbij specifiek naar de nucleaire overeenkomst met Iran, beter bekend als het Joint Comprehensive Plan of Action.
Volgens hem bood deze overeenkomst belangrijke voordelen:
-
het beperkte de ontwikkeling van nucleaire wapens in Iran
-
het leidde tot gedeeltelijke verlichting van internationale sancties
-
het gaf hervormingsgezinde krachten binnen Iran meer ruimte
Dassen stelde dat de overeenkomst een kans bood voor geleidelijke verandering binnen het land.
Kritiek: deal werkte volgens tegenstanders niet
Zijn gesprekspartner betwistte dat beeld echter. Volgens hem werd de overeenkomst uiteindelijk stopgezet omdat Iran onvoldoende transparantie gaf over zijn nucleaire activiteiten.
Hij stelde dat internationale inspecteurs niet altijd volledige toegang kregen tot nucleaire faciliteiten. Daarnaast zou het geld dat Iran kreeg door sanctieverlichting zijn gebruikt om militante groeperingen in andere landen te ondersteunen.
“Het extra geld dat het regime verdiende werd gebruikt om terroristische organisaties in andere landen te sponsoren,” stelde hij.
Daarom herhaalde hij zijn vraag: wat heeft het internationaal recht nu concreet betekend voor de Iraanse bevolking?
Dassen wijst naar beslissing van Trump
Dassen reageerde daarop door te stellen dat de overeenkomst niet mislukte door het concept zelf, maar door een politieke beslissing van de Verenigde Staten.
Hij wees erop dat Donald Trump in 2018 besloot om zich eenzijdig terug te trekken uit de Iran-deal. Volgens Dassen konden Europese landen de overeenkomst daarna niet zelfstandig in stand houden.
Een belangrijke reden daarvoor was volgens hem de financiële afhankelijkheid van het internationale betalingssysteem SWIFT, dat sterk verbonden is met de Verenigde Staten.
Sancties en druk op het regime
Volgens Dassen kan internationaal recht ook worden ingezet om druk uit te oefenen op regimes via sancties en diplomatieke maatregelen.
Hij noemde onder meer:
-
economische sancties tegen het Iraanse regime
-
ondersteuning van het maatschappelijk middenveld
-
internationale druk op de Iraanse regering
Het doel daarvan is volgens hem om hervormingsgezinde groepen binnen Iran meer ruimte te geven om verandering van binnenuit te realiseren.
Tegenstrijdigheid volgens tegenstander
Zijn opponent stelde echter dat er een tegenstrijdigheid zit in het betoog van Dassen.
Enerzijds stelde Dassen dat sanctieverlichting de bevolking en hervormers meer ruimte gaf, terwijl hij anderzijds sancties ziet als middel om het regime onder druk te zetten.
Volgens zijn tegenstander kunnen beide redeneringen niet tegelijk kloppen.
“U zegt dat het opheffen van sancties de bevolking helpt, maar ook dat sancties nodig zijn om het regime te beperken. Dat kan niet allebei waar zijn,” stelde hij.
Dassen: hervorming van binnenuit
In zijn slotreactie benadrukte Dassen opnieuw dat de nucleaire deal juist bedoeld was om Iran geleidelijk te openen voor internationale samenwerking.
Volgens hem konden hervormingsgezinde politici en maatschappelijke organisaties in Iran destijds meer ruimte krijgen dankzij de overeenkomst.
Toen de deal werd beëindigd en sancties opnieuw werden ingevoerd, nam volgens hem ook de internationale spanning toe.
Dassen wees er daarnaast op dat internationale sancties tegen onderdelen van het Iraanse regime, zoals de Islamitische Revolutionaire Garde, inmiddels verder zijn uitgebreid.
Internationaal recht blijft onderwerp van discussie
Het debat in de Tweede Kamer laat zien hoe verdeeld politieke partijen kunnen zijn over de rol van diplomatie en internationaal recht.
Waar sommigen geloven dat internationale afspraken en sancties uiteindelijk bijdragen aan stabiliteit en hervormingen, vinden anderen dat dergelijke maatregelen in de praktijk weinig opleveren voor de bevolking van landen zoals Iran.
De discussie over de effectiviteit van diplomatieke strategieën zal daarom waarschijnlijk ook in de toekomst een belangrijk onderwerp blijven in het Nederlandse parlement.




