‘Brutaal!’ PVV’er haalt snoeihard uit naar Rob Jetten en zorgt voor politieke ophef
Tijdens een debat in de Tweede Kamer heeft een PVV-Kamerlid stevige kritiek geuit op het Europese beleid, de rol van de Europese Commissie en de prioriteiten van het kabinet. In een uitgebreide bijdrage kwamen onderwerpen als Iran, Oekraïne, Europese regelgeving en de positie van Nederland binnen de EU aan bod.
Kritiek op Ursula von der Leyen en buitenlands beleid
Het Kamerlid begon met kritiek op de rol van voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen in internationale kwesties, met name rondom Iran. Volgens hem begeeft zij zich buiten haar bevoegdheden door actief te pleiten voor politieke veranderingen in dat land via contacten met leiders in het Midden-Oosten.
Hoewel het Iraanse regime scherp werd veroordeeld, benadrukte de spreker dat het niet aan de Commissievoorzitter is om zich op deze manier met buitenlands beleid te bemoeien. Binnen de Europese Unie wordt het buitenlands beleid immers gezamenlijk bepaald en uitgedragen door de Hoge Vertegenwoordiger, momenteel Kaja Kallas.
Volgens de PVV past het optreden van Von der Leyen in een breder patroon waarin zij steeds meer macht naar zich toetrekt. De spreker sprak zelfs van een “verdeel-en-heersstrategie” en noemde haar optreden buiten de formele bevoegdheden problematisch.
Oproep aan premier: “Fluit Brussel terug”
Het Kamerlid riep de minister-president op om tijdens Europese bijeenkomsten duidelijk grenzen te stellen aan de rol van de Europese Commissie. Volgens hem moet Nederland zich krachtiger opstellen en ervoor zorgen dat Europese leiders zich houden aan hun formele taken.
Daarbij werd ook kritiek geuit op de internationale focus van de premier, met name op Oekraïne. Volgens de PVV zou de regering te veel aandacht en middelen besteden aan buitenlandse dossiers, terwijl binnenlandse problemen urgenter zijn.
Kritiek op steun aan Oekraïne
De PVV benadrukte dat Nederland volgens hen minder financiële steun moet geven aan Oekraïne. In plaats daarvan zou het kabinet zich moeten richten op de eigen bevolking, zoals gepensioneerden, ondernemers en woningzoekenden.
Daarnaast sprak het Kamerlid zich duidelijk uit tegen een eventueel EU-lidmaatschap van Oekraïne, in welke vorm dan ook. Volgens hem mogen er geen “achterdeurtjes” of alternatieve routes komen om Oekraïne dichter bij de EU te brengen.
Felle kritiek op Europese regelgeving
Een groot deel van de bijdrage richtte zich op de Europese Unie zelf. De PVV uitte scherpe kritiek op wat zij zien als een overmatige en complexe “wetgevingsmachine” in Brussel.
Volgens het Kamerlid:
-
is de regeldruk sterk toegenomen
-
worden bedrijven geconfronteerd met hoge kosten en beperkingen
-
zorgen klimaatbeleid en de Green Deal voor stijgende energieprijzen
-
verliest Nederland als handelsland concurrentiekracht
Ook werd gewezen op de vergoedingen van Europarlementariërs en de manier waarop besluitvorming volgens de PVV achter gesloten deuren plaatsvindt.
Twijfels over nieuwe Europese plannen
Het kabinet werd bevraagd over plannen om de interne Europese markt verder te ontwikkelen en nieuwe wetgeving, zoals de zogeheten Industrial Accelerator Act. Volgens de PVV dreigen deze plannen juist te leiden tot meer bureaucratie en extra regels.
Ook het idee van “Koop Europees” werd bekritiseerd. Volgens het Kamerlid is het onduidelijk wat dit concreet betekent voor Nederland als handelsland en of het daadwerkelijk voordelen oplevert.
Kritiek op Europese begroting en controle
Tot slot uitte de PVV zorgen over de omvang en besteding van de Europese begroting. De Europese Commissie zou volgens hen plannen hebben om zeer grote bedragen uit te geven, deels via constructies vergelijkbaar met het coronaherstelfonds (RRF).
Het Kamerlid verwees naar waarschuwingen van de Europese Rekenkamer, die stelt dat de controle en naleving van regels niet altijd consistent zijn. Volgens de PVV bestaat het risico dat geld ondoelmatig of onrechtmatig wordt besteed.
Conclusie
De bijdrage van de PVV laat een duidelijke lijn zien: minder Europese bemoeienis, minder steun aan buitenlandse conflicten en meer focus op nationale belangen.
Met de oproep “niet Brussel eerst, niet Kiev eerst, maar Nederland eerst” benadrukt de partij haar standpunt dat binnenlandse prioriteiten leidend moeten zijn in het beleid van de Nederlandse regering.




